Buitengewoon basisonderwijs (BuBaO)

inschrijvingsdata schooljaar 2018-2019:
• Voorrang broers en zussen en kinderen van personeel: 6 maart 2018 t.e.m. 17 maart 2018
• Start vrije inschrijvingen vanaf 04/05/2018

 

Aanbod

Wanneer schoollopen voor een kind met een visuele beperking (en mogelijks een bijkomende problematiek) geen evidentie is, kan je kind terecht in het buitengewoon onderwijs, type 6.

In Ganspoel hebben we buitengewoon basisonderwijs ‘type 6’ :

    • Kleuteronderwijs (vanaf 2 ½ tot 6 jaar met mogelijke verlenging tot 8 jaar)
    • Lager onderwijs (vanaf 6 jaar tot 13 jaar met mogelijke verlenging tot 14 jaar)

We werken steeds op maat van elke leerling om zo het meest gepaste onderwijsaanbod te voorzien. Volgende kenmerken staan centraal in onze schoolwerking:

  • werken volgens de ontwikkelingsmogelijkheden, tempo, behoeften van de individuele leerling, rekening houdend met zijn/haar talenten
  • werken volgens de principes van handelingsplanning
  • specifieke onderwijsmethoden
  • aangepaste didactische materialen, hulpmiddelen en omgeving
  • nauwe samenwerking met andere disciplines: logopedisten, ergotherapeuten, kinesitherapeuten, orthopedagogen en leefgroepbegeleiders

In BuBaO Centrum Ganspoel wordt vertrokken vanuit de specifieke opvoedings- en onderwijsbehoeften van iedere leerling. De leerlingen op school worden ingedeeld in kleine pedagogische eenheden. Het onderwijsaanbod wordt optimaal afgestemd op de zorgvraag van de leerling. basketbal op de speelplaats

We onderscheiden in onze school verschillende vraagstellingstypes:

 

Voor wie?

Buitengewoon kleuter- en lager onderwijs Type 6 richt zich tot kinderen met een visuele beperking.
De visuele problematiek beantwoordt aan minstens één van de volgende criteria:

  1. een optimaal gecorrigeerde gezichtsscherpte die kleiner dan of gelijk is aan 3/10 voor het beste oog;
  2. één of meer gezichtsvelddefecten die meer dan 50% van de centrale zone van 30° beslaan of die het gezichtsveld concentrisch tot minder dan 20° verkleinen;
  3. een volledige altitudinale hemianopsie, een oftalmoplegie, een oculomotorische apraxie of een oscillopsie. Onder altitudinale hemianopsie wordt verstaan: halfzijdige blindheid of blindheid in de helft van het gezichtsveld met verschillende varianten die door hersenbeschadiging veroorzaakt is. Onder oculomotorische apraxie wordt verstaan: het niet kunnen fixeren van de ogen op één voorwerp en het niet kunnen volgen van bewegende voorwerpen. Onder oftalmoplegie wordt verstaan: verlamming van de oogspieren. Onder oscillopsie wordt verstaan: subjectieve instabiliteit van het gezichtsveld of het symptoom waarbij het beeld dat iemand van de omgeving heeft, beweegt zodra het hoofd wordt bewogen;
  4. een ernstige gezichtsstoornis die uit een geobjectiveerde cerebrale pathologie voortvloeit, zoals cerebrale visuele inperking (CVI);
  5. een door een oogarts geobjectiveerde visuele problematiek die niet tot criterium a) tot en met d) terug te brengen is, maar met een duidelijke impact op schoolse activiteiten

Toelatingsvoorwaarden

Voor elke toelating is een verslag vereist.
Sinds september 2014 zijn enkel de Centra Voor Leerlingenbegeleiding (CLB’s) nog bevoegd om verslagen op te maken. Je kan je wenden tot het CLB voor meer informatie.

Leeftijdsvoorwaarden

Kleuteronderwijs (BuKO)
Een kleuter moet ten minste twee jaar en zes maanden zijn.
De instapdagen die van toepassing zijn in het gewoon kleuteronderwijs gelden niet voor het buitengewoon kleuteronderwijs. Je kan op elke schooldag instappen.
In principe blijft de kleuter in het BuKO tot en met het schooljaar dat aanvangt op de eerste september van het jaar waarin hij/zij vijf jaar wordt.
Afwijking:
Een kleuter die zes jaar wordt vóór 1 januari van het lopende schooljaar mag toch nog in het BuKO ingeschreven worden. Deze afwijking kan met één schooljaar verlengd worden. In dit geval is hij/zij leerplichtig.

Lager onderwijs (BuLO)
Een leerling moet zes jaar zijn vóór 1 januari van het lopende schooljaar. In principe duurt het buitengewoon lager onderwijs zeven jaar, dus tot en met het schooljaar dat aanvangt op de eerste september van het jaar waarin het kind twaalf jaar wordt.
Afwijkingen:
• een kind dat vijf jaar wordt vóór 1 januari van het lopende schooljaar kan al in het BuLO ingeschreven worden. Het wordt dan automatisch leerplichtig. De ouders nemen deze beslissing autonoom na kennisname van en toelichting bij de omstandig gemotiveerde adviezen van de klassenraad en van het CLB;
• een kind mag in het BuLO blijven tijdens het schooljaar dat aanvangt in het jaar waarin het dertien jaar wordt. Het BuLO kan daarna nog met één schooljaar verlengd worden.

Comorbiditeit

Heel wat van onze leerlingen hebben niet enkel een visuele beperking, vaak merken we een bijkomende ontwikkelingsstoornis, motorische beperking of gedragsstoornis op. Binnen ons schoolteam kunnen deze leerlingen rekenen op een multidisciplinair team met kennis en expertise omtrent deze specifieke doelgroepen. Zo komen we tegemoet aan alle noden van onze leerlingen.

Verstandelijke beperking
We stellen vast dat verschillende kinderen een disharmonisch profiel ontwikkelen, waarbij de verstandelijke mogelijkheden trager ontwikkelen en ze een gemiddeld niveau meestal niet zullen bereiken. Hierdoor ontwikkelt het kind anders ten opzichte van leeftijdsgenoten.

Autismespectrumstoornis
In onze school zien we de laatste jaren een duidelijke toename van het aantal met autismespectrumstoornis (ASS) gediagnosticeerde leerlingen.
Omwille van hun visuele handicap zijn deze kinderen vaak dubbel beperkt; dit omdat de ene stoornis het compenseren van de andere bemoeilijkt en de andere stoornis zelfs kan versterken.
In de begeleiding van personen met een visuele beperking betekent ASS een extra complicatie die om een eigen aanpak vraagt.

Motorische beperking
Soms is er ook sprake van een bijkomende motorische beperking; d.w.z. een uitval in
de functies van gewrichten en beenderen, de spierfuncties of de bewegingsfuncties.
We kunnen in het begeleiden van deze kinderen rekenen op de kinesitherapeuten in Centrum Ganspoel, die werken volgens het Bobathconcept. Veder zoeken zij ook naar de meest geschikte orthopedische hulpmiddelen en zorgen zij voor de opvolging hiervan.

Gehechtheidsproblematiek
Het hechtingsproces is een complex proces. Niet ieder kind hecht zich goed.
Het kind ontwikkelt weinig of geen vertrouwen in anderen en in zichzelf, exploreert zijn omgeving minder (en leert dus minder). Vaak is er ook sprake van problemen met gezagsaanvaarding en innerlijke structuur.
De begeleiding van leerlingen met een problematische hechting of een reactieve hechtingsstoornis (RHS) vraagt dan ook een specifieke aanpak.